|
NAAR NIEUWS
2011
17 februari 2012 :
Mitch Fenner bondscoach turnen
heren
KNGU-topsportmanager Hans Gootjes heeft per direct Mitch Fenner als bondscoach
voor het Nederlandse heren turnen aangesteld.
Hans Gootjes: “De senioriteit en beproefde visie en ervaring op structurele
teamontwikkeling maken dat ik bijzonder verheugd ben met de aanstelling van
Mitch. Niet alleen door zijn tientallen jaren ervaring als trainer/coach, maar
belangrijker nog: hij heeft een uitgesproken visie op teamontwikkeling die past
bij de visie van de KNGU. Hij is vanaf nu degene die onafhankelijk de
beslissingen neemt voor de samenstelling van de Nederlandse turnherenteams die
uitgezonden worden naar EK’s en WK’s en draagt daar volledige
verantwoordelijkheid voor. Een belangrijk onderdeel van zijn functie is meer en
betere aandacht voor talentindentificatie en talentontwikkeling. Daarom is hij
de verbindende factor tussen de lokale clubs en het nationale programma’s op de
CTO’s. De KNGU-coaches die verbonden zijn aan het CTO in ‘s-Hertogenbosch (red.
Bram van Bokhoven en Marcel Kleuskens) en in Heerenveen (red. Daniel Knibbeler)
kunnen zich door deze aanstelling meer en beter focussen op hun
trainingsgroepen.”
Fenner is al vanaf begin 2010 actief binnen de KNGU. Om het ontstane gat binnen
het Centrum voor Topsport en Onderwijs (CTO) in Heerenveen na het vertrek van
Gerard Speerstra te dichten, heeft hij zich sindsdien onder andere gefocussed op
het ondersteunen van de ontwikkeling van Daniel Knibbeler als coach binnen het
CTO. (Bron : KNGU)
13 februari 2012 :
Turnsters Rijken en Wilbrink
beëindigen carrière
Marlies Rijken beëindigt haar turnloopbaan. Dat meldde de gymnastiekbond KNGU
woensdag. De voormalig Nederlands kampioene op balk en vloer gaat zich richten
op haar studie. Rijken (18) nam haar besluit na het Olympic Test Event (OTE) in
Londen van afgelopen januari, waar het Nederlands team zich niet wist te
kwalificeren voor de Olympische Spelen.
Rijken kijkt voldaan terug. ,,Het is mooi geweest, ik ben tevreden over mijn
turncarrière. Ik heb een aantal prachtige wedstrijden mogen turnen voor
Nederland zoals het WK in Rotterdam in 2010, het WK in Tokio in 2011, het
Olympic Test Event in Londen en een aantal mooie World Cups'', zegt ze.
Ook de 17-jarige Ayla Wilbrink, in januari lid van het Nederlands team tijdens
het OTE in Londen, stopt ermee.
6 februari 2012 :
Epke Zonderland en Wyomi Masela
aangewezen voor voordracht Olympische Spelen
Ad Roskam, de topsportmanager a.i. van de KNGU, heeft de sporters geselecteerd
die aan NOC*NSF zullen worden voorgedragen als deelnemer aan de Olympische
Spelen van Londen: bij de heren Epke Zonderland en bij de dames Wyomi Masela.
Jeffrey Wammes en Céline van Gerner worden voorgedragen als reserve, zij hebben
eveneens aan de kwalificatie-eis van NOC*NSF voldaan.
Het is paradoxaal om te moeten constateren dat feitelijk 5 turners/sters aan de
kwalificatie-eis van NOC*NSF hebben voldaan (een top 12 positie op het WK 2011
in Tokyo of daaraan gelijke score tijdens het Testevent in Londen). In bijna
elke sport leiden deze prestaties tot deelname aan de Spelen, maar door de
vooral op meerkampturners en op landenteams gerichte kwalificatienormen van de
FIG zijn slechts twee tickets voor Nederland beschikbaar. De vijfde
gekwalificeerde turner – Yuri van Gelder – heeft niet deelgenomen aan de
meerkamp tijdens het Testevent in januari van dit jaar en kwam daardoor sowieso
niet meer in aanmerking voor een voordracht.
Heren
Bij de heren wordt de voorkeur gegeven aan Epke Zonderland boven Jeffrey Wammes
die als reserveturner wordt voorgedragen. In de keuze heeft het prestatieprofiel
op EK’s, WK’s, Worldcups en het Testevent de doorslag gegeven. Hoewel beide
sporters kunnen bogen op een indrukwekkende staat van dienst op mondiaal niveau,
is er toch een duidelijk onderscheid.
Van alle behaalde scores in de wedstrijden in de afgelopen 12 maanden op de
diverse toestellen heeft Epke Zonderland vaker resultaten gescoord die op het
laatstgehouden WK zouden leiden c.q. hebben geleid tot finales en vervolgens in
die finales beduidend vaker zouden leiden tot hogere klasseringen dan die van
Jeffrey Wammes. De behaalde scores zijn hierbij gerelateerd aan de laatste
mondiale krachtmeting, het WK in Tokyo 2011.
Gedurende de lopende
Olympische cyclus behaalde Epke vier maal een medaille op rek in de finale van
een EK (2010 zilver, 2011 goud) of een WK (2009 en 2010 zilver). Jeffrey wist
zijn finaleplaatsen op sprong niet om te zetten in eremetaal. Aanvullend in het
voordeel van Epke kunnen genoemd worden de hoge moeilijkheidsgraad van zijn
rekoefening ten opzichte van zijn concurrentie. De getoonde 7,7 is in de gehele
lopende cyclus slechts door één andere turner getoond. Bovendien hebben slechts
4 sporters in deze Olympische cyclus één of meer keer een hogere score dan de
beste prestatie van Epke behaald: 16.033 op rek. Naast zijn ervaring op een
Olympisch toernooi (2008 Beijing) kan tot slot zijn potentie op brug worden
genoemd waarop hij in de afgelopen jaren 2x een medaille veroverde op het EK.
Dames
Bij de dames wordt Wyomi Masela voorgedragen als deelneemster en Céline van
Gerner als reserve. In de keuze bij de turnsters heeft het scoreniveau op het WK
en het Testevent de doorslag gegeven. Net zoals bij de heren heeft hier de
laatste mondiale krachtmeting, het WK in Tokyo 2011, als referentie gediend.
Hierin scoort Wyomi Masela een 9e plaats (op sprong) terwijl Céline van Gerner
een 12e positie (op balk) inneemt. Een aanvullende overweging is de inschatting
op basis van voorgaande Olympische Spelen, dat het deelnemersveld op het toestel
sprong minder ‘dicht’ bezet is dan op de overige toestellen die meer het domein
van Céline zijn. In een 5-3-3 format (deelnemers per team, deelnemers per
toestel, meetellende scores voor het teamresultaat) zullen landenteams minder
snel geneigd zijn een sprongspecialist pur sang in te zetten. Hoewel er niet
direct zicht is op een medaille zijn de perspectieven voor een finaleplaats zeer
reëel.
Vormbehoud
Op basis van aanvullend intensief overleg met NOC*NSF is komen vast te staan dat
vormbehoud toch uitsluitend getoond kan worden op het toestel waarop aan de
kwalificatie-eis is voldaan. Derhalve dienen Epke Zonderland (rek) en reserve
Céline van Gerner (balk) op één van de World Cups of Challenger Cup-wedstrijden
dan wel het EK vormbehoud te tonen door aan de daarvoor opgestelde normscore te
voldoen (geschoonde top 16 score van het WK 2011 in Tokyo). Voor Epke betekent
dit 14.500 op rek en voor Céline 14.166 op balk. (Bron : KNGU)
23 januari 2012 :
Epke Zonderland voldeed tijdens
OTE aan vormbehoudseis
Epke Zonderland heeft tijdens het Olympic Testevent in Londen voldaan aan de
vormbehoudseisen zoals in 2010 overeengekomen tussen de KNGU en NOC*NSF. Op het
toestel brug heeft Epke tijdens het Olympic Testevent een score behaald van
15.016 waar voor het tonen van vormbehoud een score van 14.941 werd vereist.
Omdat de regelgeving tijdens het OTE door verschillende betrokkenen ter plaatse
verschillend werd geïnterpreteerd is hierover tijdens het OTE geen besluit
genomen of gecommuniceerd. Inmiddels is er volledige duidelijkheid en zal de
KNGU topsportmanager volgens de eerder gepubliceerde procedure tot een keuze
komen welke turner en turnster zullen worden voorgedragen aan NOC*NSF. Dit
gebeurt uiterlijk vier weken na het OTE. (Bron : KNGU)
10 januari 2012 :
Epke en Jeffrey stellen Olympisch
ticket veilig
Na een spannende wedstrijddag op het Olympic Testevent in Londen hebben Epke
Zonderland en Jeffrey Wammes een individueel ticket voor een Nederlandse turner
voor de Olympische Spelen van Londen veilig gesteld. Met meerkampscores van
84,631 van Zonderland en 82,881 van Wammes eindigden beide turners
respectievelijk 30e en 48e. Turners uit Japan, de VS, China, Oekraïne, Rusland,
Zuid-Korea, Roemenië en Duitsland, die al zeker zijn van de landenwedstrijd,
tellen op de geschoonde lijst niet mee. Dat geldt ook voor turners uit de vier
landen die zich nu op het OKT weten te kwalificeren voor de landenwedstrijd.
Daardoor eindigden Epke Zonderland en Jeffrey Wammes bij de eerste 32 op de
geschoonde lijst (in afwachting van bevestiging FIG). Hiermee voldoen beide
turners aan de Olympische eisen van de internationale federatie FIG (32 tickets
beschikbaar) en is één individueel Olympisch herenturnticket voor Nederland
veilig gesteld. Conform de selectieprocedure doet de KNGU haar voordracht aan
NOC*NSF uiterlijk één maand na het Olympic Testevent 2012. (Bron : KNGU)
|